5 min leestijd

Insuline: Het sleutelhormoon voor je bloedsuiker

Voeding op rustdagen

Insuline is het enige hormoon dat je bloedsuikerspiegel verlaagt door lichaamscellen te stimuleren om glucose uit je bloed te absorberen. We vertellen je hoe het precies werkt en hoe je een gezond insulinespiegel kunt beïnvloeden.

Wat is insuline?

Insuline is een hormoon. Chemisch gezien bestaat het uit twee ketens, een A-keten met 21 en een B-keten met 30 aminozuren, dé bouwstenen voor eiwitten. Qua structuur is insuline een proteohormoon.

De productie van menselijke insuline vindt plaats in de bètacellen van de eilandjes van Langerhans van je alvleesklier. Het hormoon komt vrij in je bloed wanneer je bloedsuikerspiegel stijgt als gevolg van het eten van, met name een koolhydraatrijke, maaltijd.

Vraag je je af waarom insuline zo belangrijk is voor een gezonde stofwisseling? In feite is het het enige hormoon dat je bloedsuikerspiegel weer verlaagt. Samen met zijn antagonist, het hormoon glucagon, regelt insuline de opname van glucose uit het bloed in de lichaamscellen.

Als chemische boodschapper is insuline essentieel voor een gezonde koolhydraatstofwisseling. Als de productie, het vrijkomen van het hormoon of de communicatie tussen cellen en weefsel wordt verstoord, kunnen er ziekten ontstaan.

De werking van insuline op je bloedsuikerspiegel

Of het nu gaat om een ontspannen hardlooprondje, een zware training met gewichten of  intensieve rekoefeningen – energie in de vorm van voedsel is de basis voor al onze fysieke activiteiten. Zonder een evenwichtig eetpatroon met koolhydraten, vetten en eiwitten zouden we maar half zo goed presteren tijdens het sporten.

©Vesna Jovanovic / EyeEm

Achter de stofwisseling van ons voedsel gaat een geavanceerd systeem schuil waarin insuline een sleutelrol speelt. Dit is vooral vanwege koolhydraten – aardappelen, pasta, brood, etc. – ze worden als een soort glucoseketting van je mond via je slokdarm en je maag naar je darmen getransporteerd. Eenmaal daar worden de suikers afgebroken tot eenvoudige suikers dankzij verteringsenzymen, die via je darmwand in je bloedbaan terechtkomen. Het resultaat: een verhoogde bloedsuikerspiegel.

Als reactie op het stijgende suikergehalte in je bloed komt ook insuline vrij uit je alvleesklier in je bloed. Door binding aan speciale insuline-receptoren stuurt het hormoon dat in je bloed circuleert informatie naar de corresponderende cellen van je lever, je spieren en je nieren.

Pas als de boodschapper is aangemeerd, kunnen je cellen de eenvoudige suikers absorberen en direct omzetten in energie of opslaan in de vorm van glycogeen. Insuline heeft dus een bloedsuikerverlagend effect door de glucose uit het bloedplasma door het celmembraan heen te laten stromen naar het binnenste van de cel.  Naast insuline is het hormoon glucagon ook betrokken bij de regulatie van de koolhydraatstofwisseling, dat de bloedsuikerspiegel verhoogt door de vorming van energierijke glucose uit glycogeen te stimuleren.

Hoewel insuline vooral vrijkomt als gevolg van een verhoogd glucosegehalte in het bloed, reageert het ook op de inname van eiwitten en vetten. Enerzijds beïnvloedt het proteohormoon de opname van aminozuren in je cellen en de vorming van nieuwe eiwitten in je lichaam, anderzijds reguleert het de opname en opslag van vet in je vetweefsels. Een hoog insulinegehalte leidt tot een verhoogde opslag van vet.

Invloed van aanmaak van insuline via voeding

We hebben ontdekt dat voeding, met name koolhydraten, de afgifte van insuline uit je alvleesklier beïnvloedt. Niet alle koolhydraten zijn echter hetzelfde. Afhankelijk van het gekozen type suiker stijgt je bloedsuikerspiegel – en daarmee de afgifte van insuline – soms sneller en soms langzamer.

©Vesna Jovanovic / EyeEm

Als je een stukje melkchocolade met smaak in je mond stopt, stijgt je bloedsuikerspiegel door het hoge gehalte aan enkelvoudige suikers, waarna insuline in grote hoeveelheden in je bloed vrijkomt. De meesten van ons kennen een sugar rush wel – de suiker wordt snel omgezet, je energie stijgt en daalt dan weer snel.

Na een maaltijd met complexe koolhydraten stijgt je suikergehalte in je bloed echter langzamer, omdat de lange-keten koolhydraten eerst moeten worden afgebroken tot enkelvoudige suikers. De afscheiding en het effect van insuline past zich ook aan het glucosegehalte in je bloed aan.

Pauzes tussen je maaltijden, dat wil zeggen de uren waarin je niets eet, zorgen ervoor dat de suiker in je bloed daalt tot het vastenniveau. Bij een gezond persoon is dit ongeveer 70 mg/dl. Als je je vingers niet de hele dag van de snacks af kunt houden, kan er altijd een verhoogd suikergehalte in je bloed worden gedetecteerd – er komt insuline vrij. Overtollige glucose, die je lichaam niet direct nodig heeft om energie te produceren, wordt opgeslagen in je lever en je spieren in de vorm van glycogeen.

Ben je op zoek naar gezonde recepten met complexe koolhydraten die in je lichaam worden afgebroken en langzaam in je bloedbaan terechtkomen? Hier vind je een paar ideeën.

Quinoa porridge met fruit

©foodspring
Naar het recept

Courgettepasta met linzenbolognese

©foodspring
Naar het recept

Salade met zoete aardappel

©foodspring
Naar het recept

Trouwens: Ook los van je eetpatroon komen kleine hoeveelheden insuline vrij. De boodschappers die vrijkomen in de tijd dat je niets eet en tijdens je slaap worden basale insuline genoemd.

Wat is insulineresistentie?

In het geval van insulineresistentie is de insulinegevoeligheid van je cellen verstoord. In tegenstelling tot een gezond persoon wordt het effect van de aanwezige boodschappers op je lichaamscellen verminderd en nemen de aangetaste cellen de bloedsuiker van een koolhydraatrijke maaltijd niet op. Volgens dit principe stijgt je bloedsuikerspiegel  en wordt insuline afgescheiden door je alvleesklier, maar kunnen je lever, je spieren en je nieren het niet absorberen om het vervolgens om te zetten in energie. Het resultaat: een permanent verhoogde bloedsuikerspiegel.

Insulineresistentie wordt beschouwd als de meest voorkomende aandoening van de koolhydraatstofwisseling. De oorzaken zijn nauw verbonden met je gezondheidstoestand. Te veel eten en overgewicht, gebrek aan beweging en stress worden gezien als de belangrijkste oorzaken. Maar leeftijd en erfelijke factoren hebben ook een belangrijke invloed op je koolhydraatstofwisseling.

Insuline en diabetes – het verband

In de geneeskunde wordt een onderscheid gemaakt tussen twee soorten diabetes. Mensen met diabetes type 1 hebben een tekort aan insuline, terwijl patiënten met diabetes type 2 lijden aan de hierboven beschreven insulineresistentie.

©Charday Penn

De lichaamscellen van een persoon met diabetes type 2 reageren minder goed op insuline. Insulineresistentie leidt in eerste instantie tot een verhoogde uitscheiding om de zwakke insulinewerking te compenseren, omdat anders de bloedsuiker in je bloedbaan zich ophoopt. Inmiddels is bekend dat de gevoeligheid van je cellen afneemt naarmate het lichaamsgewicht toeneemt.

Als er geen behandeling plaatsvindt, door bijvoorbeeld een dieet, wordt de insulineresistentie op de lange termijn verergerd door een verminderde afgifte van insuline en een verminderde productie. Men denkt dat dit te wijten is aan de uitputting van je alvleesklier.

De combinatie van insulineresistentie, de daaruit voortvloeiende verstoring van de glucosestofwisseling, hoge bloeddruk, overgewicht en een vetstofwisselingsstoornis wordt het metaboolsyndroom genoemd.

In tegenstelling tot diabetes type 2 is diabetes type 1 een auto-immuunziekte. In dit klinische beeld is er een gebrek aan insuline als gevolg van antilichamen die in je alvleesklier worden gevormd en die de insulineproducerende bètacellen vernietigen. Mensen met diabetes type 1 produceren niet genoeg of helemaal geen insuline en moeten de ziekte tegengaan met een behandeling, insulinetherapie in de vorm van injecties.

Conclusie

  • Het hormoon insuline is de enige chemische boodschapper in ons lichaam die helpt om je bloedsuikerspiegel te verlagen.
  • Het proteohormoon wordt geproduceerd in je alvleesklier en komt vrij in je bloed als je bloedsuikerspiegel stijgt.
  • Het vrijkomen van insuline kan worden beïnvloed door je eetpatroon.
  • Als de koolhydraatstofwisseling wordt verstoord door de insulinegevoeligheid van de cellen, wordt dit insulineresistentie genoemd.
  • Insulinegevoeligheid is direct gerelateerd aan de ziekte diabetes type 2.
  • Te veel eten en overgewicht, gebrek aan beweging en stress worden gezien als de belangrijkste oorzaken van insulineresistentie en dus van type 2 diabetes.
  • Diabetes type 1 is een auto-immuunziekte, er wordt dan niet genoeg insuline geproduceerd.

Onze tip van de redactie:

Start nu de gratis Body Check en ontvang persoonlijk voedings- en trainingsadvies van onze experts.

Naar de Body Check

 

Bronnen artikel
Wij, bij foodspring, gebruiken alleen kwalitatieve bronnen en wetenschappelijke studies om de feiten in onze artikelen te onderbouwen. Lees onze redactionele richtlijnen om meer te weten te komen over hoe we de feiten checken en hoe we de content up-to-date en betrouwbaar houden.

Related Posts

delingen